Naast de grotere machines in de tuin, zoals de robotmaaier, is er voor de lastige hoekjes en de kanten van het gazon vaak nog een handmatige trimmer nodig. De Parkside PERT 300 is een van de meest budgetvriendelijke elektrische grastrimmers op de markt. Met zijn compacte formaat en lage aanschafprijs belooft hij een handige hulp te zijn voor de afwerking van het gazon. Na een testperiode wegen we de voordelen af tegen een paar opvallende ergonomische en technische beperkingen.
Het grootste pluspunt: Comfortabel en vederlicht
Het absolute verkoopargument van de Parkside PERT 300 is het gewicht. Veel benzine- of zwaardere accutrimmers worden na een kwartier werken behoorlijk zwaar in de armen, maar daar heb je bij dit model absoluut geen last van. De trimmer is heel licht gebouwd, waardoor hij uiterst wendbaar is. Zelfs wanneer je een grotere tuin hebt met veel boomspiegels, borders en terrasranden waar je tussendoor moet manoeuvreren, kun je de machine moeiteloos met één hand bedienen zonder dat het vermoeiend wordt.
Keerzijde van de medaille: Ergonomie bij het kanten maaien
Hoewel het lichte gewicht voor veel comfort zorgt, loop je tijdens het strak afwerken van de gazonranden wel tegen een flink ergonomisch nadeel aan. De trimmerkop is namelijk niet draaibaar. Bij veel luxere modellen kun je de kop een kwartslag kantelen om verticaal langs een boordsteen of terrasrand te snijden.
Bij de PERT 300 ontbreekt deze functie. Wil je hier toch een echt mooi, strak lijntje mee trekken langs de rand van je grasmat? Dan word je gedwongen om het hele toestel zelf in een heel rare en onnatuurlijke positie te kantelen en vast te houden. Dit heft het voordeel van het lichte gewicht deels op, omdat je al snel in een verkrampte houding staat te werken om het gewenste resultaat te bereigen.
Technische beperking: Slechts één enkele snijdraad
Ook op het gebied van snijkracht heeft Parkside bij dit instapmodel een duidelijke besparing doorgevoerd. De spoel is uitgerust met maar één enkel draadje, in plaats van de dubbele maaidraad die je op de meeste grotere trimmers vindt.
In de praktijk betekent dit dat de trimmer minder snij-oppervlak per rotatie heeft. Voor jong, dun gras en zachte gazonranden is dit geen enkel probleem en presteert de machine naar behoren. Zodra je echter in een hoek terechtkomt met wat dikker onkruid, taaiere stengels of wildgroei, merk je dat de enkele draad het zwaar krijgt en sneller slijt of afbreekt. Je zult dan vaker de draad handmatig moeten verlengen om de voortgang erin te houden.
Conclusie
De Parkside PERT 300 is een prima basistrimmer voor wie een klein gazon heeft en puur een licht gewicht zoekt om snel even de hoekjes bij te werken waar de grasmaaier niet bij kan. Voor het zwaardere werk of het kaarsrecht afsnijden van lange gazonboorden schiet het toestel door de vaste kop en de enkele draad net iets te kort. Het blijft een interessante budgetoptie, zolang je de beperkingen in het achterhoofd houdt.
